Kies een pagina bij: of
7daweb.com
 Verandering van de rustdag laatste wijziging 16 april 2000 

voorpagina > sabbat > verandering van de rustdag

Maar de mens heeft toch de rustdag veranderd?

In de loop van de tijd heeft de adventkerk verschillende personen aangewezen als degene die de sabbat van de zaterdag naar de zondag hebben verplaatst.

Ellen White hield het erop dat de paus de sabbat afschafte. Zij bleek hierin echter (alweer) ongelijk te hebben, de eerste paus zien we pas in het begin van de zevende eeuw op het toneel verschijnen.

Deze verklaring van Ellen White bleek dan ook niet houdbaar, waarna de kerk verklaarde dat Constantijn in 321 na Chr. de sabbat bij wet afschafte. De kerk heeft haar geïnspireerde profetes hiermee verbeterd.

Wanneer wij echter de geschiedenis van de vroege christelijke kerk bestuderen, van de tijd van het Nieuwe Testament en daarna, lezen we dat de eerste christenen de zondag al als een aparte dag in ere hielden, maar naast de sabbat.

Verschillende geschriften laten zien dat er op zondag bijeenkomsten waren van christenen, samenkomsten die in het teken stonden van aanbidding.

Didache XIV (ca. 100 na Chr.): Op de dag des Heren zult u samenkomen, het brood breken en dankzeggen na openlijk uw zonden beleden te hebben, opdat uw offer rein mag zijn (AV deel 1, 254-255).

Ignatius (ca. 110 na Chr.): Indien zij die leefden onder een oude toestand tot nieuwe verwachting zijn gekomen en daarom de sabbat niet meer houden maar de dag des Heren in acht nemen waarop toch ons leven opbloeide door Hem en zijn dood, [...] hoe zullen we dan buiten Hem kunnen leven (AV deel 1, 90-91)?

Een uitgebreid overzicht van wat in de vroege geschriften is geschreven over de zondag, de dag des Heren, is te raadplegen via de volgende link. In dit (engelstalige) overzicht zijn ook enkele gezaghebbende bronnen van nu opgenomen.
De zondag in de geschiedenis

De Joden hielden zich aan de traditionele sabbat. Omdat de christenen die op zondag samenkwamen nooit wilden wedijveren om de titel 'sabbat' voor de zondag, was er geen reden voor de Joden om hierover in discussie te treden. Dat het stil was in de eerste eeuw rond dit onderwerp betekent dat er geen discussie over bestond, en niet dat uitsluitend de sabbat werd gevierd. Ook al wordt uit verschillende geschriften wel duidelijk dat de zondag door de christenen in stelling wordt gebracht tegen de sabbat van de Joden, want men wilde radikaal met het jodendom breken.

Overigens werd in eerste instantie gewoon op zondag gewerkt, in aansluiting op de samenkomst. Maar in de loop van de tijd werd deze dag al meer een feestdag, een dag die gevierd werd. Wat betekende dat het werk steeds vaker op de zondag werd neergelegd.

"Dionysius van Corinthe (ca. 170) spreekt van de heilige dag des Heren. Tertullianus (ca. 200) vermeldt dat de zondag voor de christenen een dag van vreugde is. En op een andere plaats zegt hij dat de heidenen geen dag des Heren of Pinksteren zullen vieren, omdat ze anders zouden vrezen voor christenen aangezien te worden. Zo'n uitspraak maakt duidelijk dat het vieren van de zondag onder christenen toch wel algemeen verbreid moet zijn geweest! De viering van de zondag is in Tertullianus' dagen een kenmerk van de christenen" (DTG deel 2, 47).

Dit wordt ondersteund door het feit dat er geen of nauwelijks verweer kwam toen de zondag de officiële rustdag werd. De wet van Constantijn, die op 7 maart 321 na Christus van kracht werd, bevestigde eerder de praktijk die al eeuwen gangbaar was.

Wanneer men beweert dat pas vanaf de wet van Constantijn de zondag werd gevierd - zoals in de sommige adventistische bronnen gebruikelijk is - geeft men een verkeerde weergave van de geschiedenis. Er zijn duidelijke aanwijzingen in de geschiedenis dat al vanaf de eerste eeuw de zondag als bijzondere dag werd gevierd.

Conclusie

Christus heeft de zondag niet ingesteld, ook de apostelen niet. Het is een verantwoorde keuze van de vroege christelijke kerk geweest om op zondag bijeen te komen. Het aspect van het op zondag rusten heeft o.a. door de wet van Constantijn een steun in de rug gekregen.

Maar het is wel een keuze "die onontkoombaar was vanwege de Geest van Christus, die de kerk in alle waarheid leidt. Het beslag dat de opstanding van Christus op het denken en leven van de christenen legde, impliceerde eenvoudig dat het tot de viering van de zondag als gedenkdag van Christus' opstanding moest komen" (DTG deel 2, 46).

Christus is de vervulling van de Tien Geboden, dus ook van de sabbat. Hij is heer over de sabbat, maar zeker ook heer over de zondag, de dag waarop Hij de dood overwon. De betekenis van de rustdag als teken van de toekomstige rust krijgt dan ook meer waarde door de opstanding op een zondag te vieren.

Daarom is het niet gerechtvaardigd om de instelling van de zondag af te doen als maar een kerkelijke instelling (DTG deel 2, 46).

"Men heeft niet ten onrechte meer dan eens een parallel getrokken met het vaststellen van de kanon van bijbelboeken. De kerk heeft ook niet van meet af aan de bijbelboeken in hun huidige omvang voor kanoniek verklaard. Maar uiteindelijk deed zij dat wel, en dan niet 'slechts' op eigen gezag, maar vanwege de kracht die van die boeken zelf, door de werking van de Heilige Geest, uitging" (DTG deel 2, 47).

Tekenend in de discussie over het 'veranderen van het vierde gebod door de mens' is dan ook, dat een vooraanstaand adventist de kerkhervormers van de zestiende eeuw, die het gezag van de Bijbel herontdekten, beticht van het afwijken van het 'Sola Scriptura', alleen omdat zij niet wilden terugkeren tot de bijbelse, joodse sabbat (DDGS, 84).

naar begin van document

Copyright © 2000-2008 G. Roelofs